Thursday, July 27, 2006

Jakobs Ladder naar de Bron der Liefde.


Deel III


De laatste fase van de bouw werd ingeluid. De bouw van de nieuwe kerk heeft uiteindelijk maar liefst 11½ jaar geduurd: vanaf Oktober 1989 tot en met Augustus 2001. Op 18 November 2001 vond dan eindelijk de inwijding van de nieuwe kerk plaats. De Ohoira-gemeenschap uit Nederland en Jakarta kwamen als eerste gasten aan met de boot (de Bukit Siguntang) vanuit Jakarta en vanuit Papua kwamen de 2e lichting, vanuit Ambon kwamen ze daarna en als laatste groep kwam uit Nederland daags voor de officiële inwijding. Op de avond ervoor en de ochtend kwamen de notabelen van Maluku Tenggara en en de hoofden van Synode GPM uit Ambon. Allemaal gekomen om de opening te verrichten en getuige te zijn van de ceremoniën en ingebruikname van de tot op heden de grootste GPM kerk op Kei. Dit in een tijd, dat de keresuhan (onlusten) nog volop aan de gang was.

Vele adat en ceremoniële gebruiken gingen vooraf aan de dag van de opening. Vele sapi's en karbouw (ossen) werden aangevoerd uit andere omliggende dorpen. Een karbouw werd ceremonieel geslacht en zijn hoofd werd begraven in het pusat negeri oftewel de oorsprong van het dorp. Het symboliseert het voorouderlijke aandeel in het ceremonieel gebeuren van de ingebruikname van de kerk.

Brandhout werden met stapels tegelijk dagelijks per kano’s aangevoerd als bijdrage in de keuken. Vele honderden kilo’s kopra (in de natuur gedroogde kokosvlees) werden aangeleverd om te worden verwerkt als minyak kelapa (kokosolie). Het eten werd voorbereid in grote gemeenschappelijk keukens die speciaal werden opgezet om de vele vrijwilligers en gasten tijdens deze speciale dagen van een goede maaltijd te voorzien. De organisatie werd tijdens deze voorbereidings dagen volop voorzien van vele soorten zee dieren, pluim- en kleinvee. Een anekdote om de hoge visvangst te illustreren is " Lautan sampai mendidi" wat betekent de zee kolkte door de menigte school vissen die tijdens het meti (eb) vast kwamen te zitten en zo voor het oprapen was.

De dorpen waarmee Ohoira een band van pelaschap heeft kwamen ook hun aandeel schenken met name rijst, koffie, thee, suiker, groente en andere giften voor de viering van de opening.
Door de anak-anak cucu uit Kampong Ewu en Letvuan werd een mariam (kanon), in Behasa Kei Lela genoemd, geschonken wat de terugkeer van Nene dari matarumah Yumai uit Ohoira symboliseert. Dit om de verwantschap tussen de nazaten van Nene dari Yumai van Kampong Ewu en Letvuan te versterken met matarumah Yumai en Kampong Ohoira. Deze
mariam, een kanon uit de VOC tijd, werd op het binnen plaats van de nieuwe kerk ingemetseld wat ook symboliek staat voor de situatie waarin deze kerk is afgebouwd. In onze adat wordt een mariam beschouwd als een van de belangrijkste onderdelen van een bruidsschat. Dit gebruik wordt nog steeds binnen de matarumah en marga gehandhaafd .

De oude kerk diende als gasthuis wanneer al deze giften werden aangeboden. Een raad van ketua adat (adat hoofden) had als taak om de pelabanden strakker trekken en te bevestigen met sirih pinang. De bijdragen werden niet alleen in natura beschikbaar gesteld maar ook middels traditionele dans en muziek. Een oude elegante traditionele dans en zang werd door Kampong Ohoiren speciaal ten uitvoer gebracht om de gasten welkom te heten. De vermaarde fanfare uit Dian droeg ook regelmatig in die week vooraf aan 18 november hun muzikale steentje bij. De giften werden administratief bijgehouden en namen werden vast gelegd. Alle giften werden eerst in de oude kerk aanvaard voordat het zijn weg vond naar de gemeenschap.
Een gemeenschaps bijdrage die omgerekend in geld vele tienduizenden euro’s vertegenwoordigen.

Van het decoreren van de servetten tot het lint van de kerk poort, aan alles werd gedacht. Geen detail werd overgeslagen. De nacht voor de opening werd een meditatief moment op het strand gehouden. Ieder unit kreeg een stukje strand toegewezen met als voorganger een ouderling of de dominee. Onze unit was die van Jakarta en Nederland. Een bijbeltekst werd gegeven ter overdenking in de naglooing van de ondergaande zon. Met in de verte Warbal in ons zicht en de zachte deining van de golven las de ouderling een tekst uit de bijbel. Met obor-obor (fakkels) die het strand verlichtten vormden wij met ons allen een vlammende kustlijn van Ohoira.


Er werd nog tot diep in de nacht doorgewerkt. Sommigen sliepen niet eens. Morgen zou het gebeuren.

....................wordt vervolgd

Al het beeldmateriaal is onder copyrights van OHOIRAPRODUCTIONS BV.

Friday, July 21, 2006

Jakobs Ladder naar de Bron der Liefde.

Deel II
Sumber Kasih in de steigers
Op de Rapat Djemaat (zie Deel I) kwamen 2 punten aan de orde, n.l. het renoveren van de Bethel-kerk of kiezen voor het bouwen van een nieuwe kerk.
Gezien het feit dat renovatie van de Bethel-kerk veel tijd, werk en geld kostte, koos de kerkgemeente van Ohoira op 28 mei 1987 unaniem om een nieuwe kerk te bouwen.
Tussen besluit en realisatie kwamen er vele facetten om de hoek kijken. Een bouwcommissie werd in het leven geroepen. Deze commissie stond onder het voorzitterschap van het dorpshoofd (Kepala Desa) Kades c.q. Orang Kaja. De taak van de bouwcommissie was de voortgang van de bouw coördineren, waarborgen en de financiën bewaken, en het geheel periodiek te rapporteren. Een technisch team werd op 21 juni 1987 gevormd onder leiding van 2 uitvoerders. Dit team werkte onder direct toezicht van de bouwcommissie.
Ohoira was reeds verdeeld in units met elk een specifieke taak die onderling regelmatig werden gerouleerd. Ondanks verder in tijd en vele technieken rijker bleven toch bepaalde specifieke taken onveranderd. Zoals het pukul batu (verzamelen en stukslaan van stenen tot gruis), kekoe tanah (het dragen van zand ) en het scheppen van water voor de bouw en de gemeenschaps keuken en tevens het sprokkelen van hout voor het vuur. Deze taken werden merendeels door vrouwen en kinderen gedaan.
Zowel bij de eerste steenlegging in 1989 als bij het bereiken van het hoogste punt “Tutup Kap” werden op symbolische wijze ceremonieel ten uitvoer gebracht door de dominee. In aanwezigheid van djemaat Ohoira en zijn gasten konden deze momenten als mijlpalen in de kerk historie van Ohoira worden gekenmerkt. Het feit alleen al dat je getuige kon zijn van het bouwproces is al waardevol. Maar de meerwaarde zit in het feit dat je het samen met je familie en vooral met je vader mag ervaren, zoals hij met zijn vader bij de bouw van Gereja Bethel. Geschiedenis herhaalt zich en sommige dingen zullen nooit veranderen.

Tutup Kap, werd ceremonieel ingezegend door de dominee


Een commisie die regelmatig contact onderhield met de Ohoira-gemeenschap buiten Ohoira/Kei, zowel in Indonesië als in Nederland schreef een brief op 30 augustus 1987 aan de Ohoira gemeenschap buiten Kei, van Papua, Ambon, Jakarta en andere streken in Indonesië dus ook in Nederland. Een brief met het verzoek om een financiële bijdrage te leveren. Op dit verzoek werd dan ook op verschillende wijze gehoor aan gegeven. In Vaassen werd een financiële wervingsprogramma gestart. Van Kuping Gaja (krokante molukse koekjes in de vorm van een olifantoor) verkoop tot Pasar Kaget (een "adhoc" warenmarkt op Ambon dat veelvuldig van plaats moest veranderene gezien de geweldadige situaties) en van rommelmarkten verkoop tot en met het organiseren van tentoonstellingen.
Bijgestaan door familie en vrienden in de omgeving werd het startsein gegeven op 30 april 1988. Een activiteit, dat als succesvol kan worden aangetekend. Veel voorbereiding ging er aan vooraf en niet voor niets. Niet alleen door de verkoop maar ook mede dankzij de vele giften van mensen die warmhartig gaven voor het goede doel. Het is tot op heden een terugkerende activiteit, nu ten behoeve van andere doelen in met name Ohoira, Warbal en omgeving, te denken aan de scholenproject wat momenteel loopt.

Begin mei 1996 werd verslag gedaan hoe de bouw verliep. Ongeveer 70% was al gerealiseerd en het overige 30% was afhankelijk van de financiën. Op 12 mei 1998 diende de voorzitter, namens de Commissie, die belast was met het genereren van sponsoren een verzoek in bij de Ohoira-gemeenschap in Nederland voor een financiële injectie.
De hoop om in 1999 de kerk op te leveren en om de nieuwe kerk in het jaar 2000 ceremonieel in te wijden en in gebruik te kunnen nemen, kwam in het geding. Zonder een substantieel financieel steun zou de bouw moeten stoppen waardoor de gedwongen pauze onherstelbare schade zou oplopen. Door de economische crisis Krismon (Krises Monetair) in Indonesië liep de bouw significante stagnaties op niet alleen doordat de prijzen van bouwmateriaal, zoals cement en ijzer, onbetaalbare hoogten bereikten. Als direct gevolg van de fragiele politieke situatie in Indonesië onstond in Maluku een lange reeks van geweldadige incidenten tussen moslims en christenen dat escaleerde in een razernij van dood en verderf. Het werd moeilijk om de bouw van de kerk voort te zetten des te meer omdat religie als hoofdoorzaak voor die geweldadigheden werd gebruikt.
Jongens werden in die tijd mede ingezet om de Kampong te bewaken. Jonge vrouwen werden bekwaam gemaakt met pana-pana (pijl en boog) en parang (kapmes) aangezien voedsel voorziening in de kebon-kebon (tuinen) zijn doorgang moest vinden ondanks gevaar voor eigen leven. Mannen die aan de kerkbouw deelnamen moesten hun tijd verdelen tussen het bewaken van Ohoira en de kerkbouw tevens het bewaken van de omliggende dorpen.
Een taak die niet gemakkelijk was omdat de eeuwenlange respect tussen twee religies, Christen en Islam onherstelbare schade werd toegebracht. De adat facet Masohi, waarbij bloedbanden werden versterkt ongeacht religie tussen families/dorpen. Het samen deelnemen aan het bouwen van een huis of een gemeenschappelijk gebouw, wat kenmerkend was voor de Molukse cultuur was vanaf dat moment helaas niet meer weggelegd in Ohoira. Ondanks het verzoek van de christen deel aan de islam deel van de marga's (families) om niet uit Ohoira te vertrekken, omdat hierdoor de mogelijkheid om elkaar te beschermen weg was, trok onze islam deel van de familie weg van Ohoira. Hiermee is terugkeer naar Ohoira haast niet meer mogelijk. Wat adat en keluargaan voorheen als basis heeft gediend voor wederzijds respect binnen de micro samenleving van een Kampong is van de Molukse aardbodem weggeveegd. De Mesjid (moskee) in Ohoira werd een ruïne en een stille getuige van een afwezigheid.
Terwijl overal op de Molukken kerken en moskeeën het verwoestende doelwit waren, werd in Ohoira één kerk in alle onrust “geboren”. In Juni 2001, had de kerkleiding samen met de bouwcommissie besloten om op 18 november 2001 Anno Domini de nieuwe kerk in te wijden. De nieuwe kerk geboren in een tijd van geweld en verlies krijgt een toepasselijke naam “Sumber Kasih” Bron der Liefde.

.................wordt vervolgd

Al het beeldmateriaal is onder copyrights van OHOIRAPRODUCTIONS BV.

Tuesday, July 04, 2006

Born on the 4th of July

4 July is de 185ste dag van het jaar in de Gregoriaanse Kalender

In het jaar
1054 was een supernova geobserveerd door de Chinezen en Amerindians dichtbij de ster ζ Tauri. Voor vele maanden bleef het overdag voor het blote oog zichtbaar.

In the US of A en in Denemarken wordt vandaag the Independance Day gevierd.

In
1827 werd in New York State op 4 July de Slavernij afgeschaft.

Op 4 July voerde de Israeli commando's in 1976 een inval op de luchthaven van Entebbe in Uganda. Bemanning en passagiers werden gered.

Tom Cruise speelt de hoofdrol van een Vietnam Verteraan in de fillm " Born on the 4th of July"

In 1900 zag Louis Armstrong "Satchmo" het licht en blies hij zijn allereerste noten, 103 jaar later in 2003 zong Barry White zijn final "my first my last my everything".

Trijntje -Traincha- Oosterhuis schreef en zong "On the 4th of July" op haar onlangs verschenen 2006 album "See you as I do".

In Twello vieren twee mensen vandaag het feit dat zij elkander op 4 July, 1997 hun eeuwige trouw hebben beloofd. (Ik denk op deze dag ook aan jullie)

Today, High Commissioner António Guterres is delighted to announce that the winner of the Nansen Refugee Award for 2006 is Dr. Akio Kanai, a Japanese optometrist who over more than two decades has improved the quality of life of over 100,000 uprooted people around the world by testing their eyes and providing them with spectacles.

Op 4 July, 1948 was mijn zus op Ambon geboren.

En vandaag regent het in Liberia en stil in mij.

Monday, July 03, 2006

Jakobs Ladder naar de Bron der Liefde.

Deel I

"BETHEL" Oude kerk in Ohoira

Op 14 mei 1910 deed het protestantse geloof haar intrede in kampong Ohoira het dorp van mijn vader op Kei Kecil / Maluku Tenggara (Klein Kei/ Zuidoost-Molukken). Geen gebouw was er om een eredienst een dak boven het hoofd te bieden. Als het weer het toeliet hield men een dienst in de open lucht en later onder een afdak, opgetrokken van palmbladeren en gaba-gaba (bast van de sagopalm). Pas in het jaar 1928 besloot Ohoira om een kerk te bouwen. 1935 Anno Domini, werd de kerk in gebruik genomen. Men noemde de kerk “BETHEL” naar de plaats in het oude testament waar Jakob op de vlucht voor zijn tweelingbroer Esau in een droom een ladder naar de Hemel zag. Engelen gingen de ladder op en af en bovenaan stond God, die Jakob en zijn nageslacht het land Kanaän beloofde. Jakob stapelde stenen en zalfde deze plaats. Op 14 mei 1910 werd in Ohoira een “ladder vanuit uit de hemel gelaten” en in zeven jaar werden er stenen gestapeld door de mannen en vrouwen van Ohoira, onze orang tua-tua, tete-tete dan nene-nene, voor een en dezelfde reden. Een Huis van God, een plaats om hem te gedenken.

De constructie werd in zijn geheel opgetrokken uit tropisch hardhout afkomstig van Warwut een naburige kampong die nauwe familie- en adat banden had en nog heeft met kampong Ohoira, welke gesitueerd is aan de overkant van de sungai (zeearm) genaamd ”Hot Surbay”.
Over zee werden de houtbalken vervoerd naar het strand van Ohoira. Steigers werden opgebouwd uit bamboe en vastgebonden met lianen een natuurlijk bindmateriaal. Alhoewel mannen merendeels het zware werk deden was het aandeel van de vrouwen en kinderen net zo belangrijk zoniet fundamenteel namelijk het verzamelen van zand en koraal voor het fundament van de kerk.
De kerk werd gebouwd op een hoge gedeelte in het centrum van kampong Ohoira.
Niet alleen was het een landmark in de kampong maar ook van uit de zee diende het als een baken.
Een stenen trap leidde naar de hoofdingang met aan een kant een deur.

Exterieur van "BETHEL"
Elf (11) grote hoge ramen met luiken waren nodig om het kerkgebouw van daglicht te voorzien.
Direct bij de hoofdingang kon men met een trap naar het balkon in de kerk, daar had het Orkes Suling (fluitorkest) van Djemaat Ohoira haar vaste plek.
Een ieder die na de eredienst huiswaarts ging keek op naar de in sierletters geschreven tekst op het balkon, “EBENHAEZER” De naam EBENHAEZER , wat "Rots van Hulp" betekent is genomen uit 1 Samuel 7 vers 12b : ” Tot hier heeft de Here ons geholpen ”.
De kansel word gedragen door een houten sculptuur van een kleine man. Hij draagt de kansel als het ware op zijn hoofd en met zijn beide handen balanceert hij de evenwicht van het geheel. Door de jaren heen en door het frequente bezoek van houtrot is nu alleen de helft van zijn torso zichtbaar.
In 1965 werd er groot onderhoud gepleegd en Bethel onderging een metamorfose. Er werd kleuren toegevoegd aan exterieur en interieur van de kerk. Zelfs de kansel was onderhevig aan decoratieve invloeden van het toenmalig tijdsbeeld.
In de 70er jaren werden er twee grote gouden engelen vleugels beschilderd aan weerszijden van de kansel. Een eigentijdse fresco waardoor de functie van de dominee als Hamba Tuhan (Gods Dienaar) visueel extra werd benadrukt.

Begin jaren zestig werd door enkele in Nederland wonende families uit Ohoira en Matwaer afkomstig (Ohoira staat onder raadschap Matwaer) het initiatief genomen om aan Bethel en de gemeenschap Ohoira een bronzen kerkklok en een zilver gelegeerd Avondmaal Servies te schenken.
Contacten werden in Nederland gelegd voor de verscheping en geld werd bijelkaar gebracht voor deze speciale doeleinden. Via de Rooms Katholieke Kerk in Nederland die nauwe banden onderhield met de Kei-eilanden werden een bronzen klok en het Avondmaal Servies compleet met inscripties richting Ohoira verscheept. Tot op heden wordt het nog steeds gebruikt.

Kansel met Avondmaal Servies in "BETHEL"

Niet alleen collectieve initiatieven ter ondersteuning van de kerk in Ohoira maar ook individuele initiatieven. Ik kan mij nog herinneren dat mijn moeder kansel kleden maakte van rood fluweel met een zilveren duif geborduurd ingelijst in een zilverkleurig kant en ook een zwarte kanselkleed met een open bijbel. Voordat ze tot het uiteindelijke design kwam waren urenlange bezoeken aan de stoffenmarkt en langdurig snuffelen tussen meterslange kanten borduursel aan vooraf gegaan. Het doet je goed, vooral nu ze er niet meer is, als je jaren later het handwerk van je moeder tegen komt in de kerk. Een nalatenschap dat kenmerkend was voor de toewijding die zij had voor onze kerk op de kampong. Een toewijding die ons met de paplepel werd toegediend en steeds weer terugkerend in vele gedaanten en vormen onderhevig aan het huidige tijdsbeeld. Zo draagt een ieder op zijn eigen manier bij aan Kampong, Kerk en Keluargaan, natuurlijk niet perse in deze volgorde.

Op 28 mei 1987, 59 jaar later, besloot de toenmalige kerkbestuur na een Rapat Djemaat (gemeentelijke kerkvergadering) dat er een nieuwe kerkgebouw moest komen. De reden voor deze nieuw te bouwen kerk lag in het feit dat het houtwerk van de Bethel-kerk onherstelbaar beschadigd was en dat er rottingsverschijnselen op diverse cruciale steunpunten waren geconstateerd.
Exterieur van "BETHEL"
Als eerbetoon en herinnering aan al die kampongbewoners, m.n. onze ouders, oma’s en opa’s uit de periode 1928 tot en met 1965 had men besloten om een gedeelte van de kerk te behouden. Alleen de kansel en het balkon zal worden behouden voor het nageslacht. Als een "Rots van Hulp" en in "Lof zij de Heer" heeft het in al die jaren Ohoira zwijgend bijgestaan en zal nu een markante plaats innemen in het Gedung Serba Guna, een multifunctioneel gebouw.
Wordt vervolgd................
Bron: Archief G.P.M. djemaat Ohoira mmv JS en IAS .